maandag 1 juli 2013

Beeldmateriaal bij zelfontworpen les


Beeldmateriaal zelfontworpen les

Inleiding:Ik vraag de leerlingen of ze wel eens bloemen tegen komen. Als ze bijvoorbeeld naar school lopen, of in de buurt van huis. Een paar kinderen noemen wat voorbeelden.Dan laat ik de kinderen 3 foto’s zien:

 



 
 
 
Ik vraag de leerlingen of ze deze bloemen wel eens gezien hebben, en hoe ze heten.
Ik vertel de leerlingen dat ze deze 3 bloemen gaan tekenen, maar op 3 verschillende manieren: met kleurpotloden, wasco en verf. Ze mogen zelf weten welke bloem welk materiaal krijgt.
Het maakt niet uit welke kleuren ze gebruiken of hoe ze de bloemen maken, als ik maar duidelijk kan zien welke bloem het is.
Ik vertel ze nog een keer expliciet dat ze alleen de 3 voorbeeld bloemen mogen maken en alleen de materialen mogen gebruiken die ik verteld heb.
 
 
 

Klassiek schilderij en postmoderne foto






Titel: Zelfportret
Maker: Pieter Jansz. van Asch
Datum: ergens tussen 1640 en 1678


Na het grondig bestuderen van het zelfportret van Pieter Jansz. van Asch, hebben we deze foto nagemaakt, maar met een modern tintje eraan. Er zijn dus een aantal verschillen. Als eerst heb ik de hoed veranderd. Het is op de foto geen hoed maar een pet, dat is meer van deze tijd. Jongeren dragen nu eerder een pet dan een hoed. De kleren zijn ook anders. Op het schilderij is een bruine lange jas. Op de foto is het nog steeds wel een donkere kleur, maar een kort vlot jasje. Dat past ook meer bij de 21e eeuw. Dan komen we bij het landschap schilderij aan. Op het zelfportret is nog daadwerkelijk een schilderij te zien.  Op de foto zie je hetzelfde landschap, maar dan op een laptop geprojecteerd. Dat is ook een stuk moderner: We kunnen steeds meer kunst online bekijken. Verder is er ook nog een overeenkomst: zowel op het schilderij als op de foto draagt de persoon een beige sjaal. Ook zitten ze beide op een stoel. De stoel op de foto is wellis waar een bureaustoel, dus ook deze is een stuk moderner.



Twee aanzichten van klei-opdracht






Wat is er te zien?
Een kiwi van klei.

Hoe is het gemaakt?
Eerst is er van de klei een balletje gemaakt, waarna het plat gerold is. Het plat gerolde stuk kon dubbel gevouwen worden. Voor het dubbelvouwen werd er een rietje tussen geplaatst. Hier werd doorheen geblazen zodat de ronde vorm ontstond. Met water is de buitenkant mooi glad gestreken.

Wat is het beeldend probleem?
Met een spateltje zijn er gaatjes in de kiwi gemaakt. De kiwi loopt nu als het ware leeg. Dit is duidelijk gemaakt met het soort slangetje: dit is een straal van het sap dat uit de kiwi stroomt.  Het probleem is dat de kiwi nu moeilijk te herkennen is. De straaltje zou ook geïnterpreteerd kunnen worden als een wortel.





Wat is er te zien?
Een appel van klei.

Hoe is het gemaakt?
Eerst is er van de klei een balletje gemaakt, waarna het plat gerold is. Het plat gerolde stuk kon dubbel gevouwen worden. Voor het dubbelvouwen werd er een rietje tussen geplaatst. Hier werd doorheen geblazen zodat de ronde vorm ontstond. De scheurtjes werden vervolgens weggewerkt met water. De details konden tot slot door middel van kneden en met het vormen van een pollepel worden toegebracht.

Wat is het beeldend probleem?
Als vervorming is er een hap uit de appel gehaald. Dit is gedaan met een spateltje. De vorm is nog wel te herkennen.



Massacultuur beschreven aan de hand van beeldaspect-format





Hoofdcategorie:
Compositie

Deelbegrip:
Centraalcompositie

Afbeelding:
Hierboven weergegeven

Korte omschrijving van het begrip:
De foto is genomen vanuit het midden van de afbeelding. Als bekijker van de afbeelding kijk je als het ware recht naar de afgebeelde personages. Dat komt omdat dat het middelpunt is. De personages staan dus centraal.

Hoe in de afbeelding:
De personages kijken in een donker gat. Het ziet er een beetje duister uit. Dit komt door het kleurgebruik van donkere kleuren. Het gaat hier vooral om zwart/grijstinten. Er is een kleine lichtinval te zien aan het begin van de tunnel. Dit zou een zon achter de wolken kunnen zijn. De uitdrukking van de personages is wat angstig. Alsof ze iets engs in de tunnel zien.

Welk effect in de afbeelding:
Als bekijker van deze plaat krijg je het gevoel dat er iets naars in de tunnel zit. Dit komt door de uitdrukking van de personages. Het kleur- en lichtgebruik benadrukt dit.

Zelfontworpen les



Voorbereiding *
Context
Belevingswereld:
De llen gaan een soort beeldcollage maken met daarop 3 verschillende soorten bloemen. Het past in de belevingswereld van de llen, want het is lente en de llen zien overal om hun heen verschillende soorten bloemen.
 
Basisplan
Opdracht en randvoorwaarden:
De llen gaan een soort beeldcollage maken met daarop 3 verschillende soorten bloemen: een tulp, een narcis en blauwe druifjes. De llen krijgen 3 blaadjes van 10 bij 10, op elk blaadje komt 1 soort bloem. De bloemen zetten de llen met 3 verschillende materialen op papier: 1 bloem wordt met plakkaatverf gemaakt, 1 bloem met wasco en 1 bloem met kleurpotloden. Welke bloem wel materiaal krijgt, mogen de llen zelf bepalen. De 3 witte blaadjes worden vervolgens geplakt op 3 gekleurde blaadjes van 12 bij 12. Deze 3 blaadjes worden onder elkaar geplakt op een stuk gekleurd karton van 14 bij 38. De volgorde mogen de llen zelf bepalen.
Doelen
Beeldend doel:
Aan het eind van de les kunnen de kinderen door middel van kleurgebruik de lente sfeer verbeelden. Ze kunnen een narcis, tulp en blauwe druifjes tekenen/schilderen.
 
Technisch doel:
Aan het eind van de les kunnen de kinderen door middel van 3 verschillende soorten materialen een narcis, tulp en blauwe druifjes maken. Deze worden op 3 gekleurde blaadjes geplakt en vervolgens op een stuk gekleurd karton geplakt.
 
Receptie
/Oriëntatie *
Introduceren
Beeldcultuur
Doordat het lente is, zien de llen veel verschillende soorten bloemen om zich heen. Maar omdat dit een specifieke opdracht is, krijgen de llen eerst 3 foto’s te zien van een narcis, tulp en blauwe druifjes. Dan hebben ze een goed voorbeeld in hun hoofd en ze er een eigen interpretatie aan geven.
 
 
 
Informeren
Beeldbeschouwen
 
*
Instrueren
Beeldend Probleem
De llen kunnen het lastig vinden om de bloemen na te tekenen. Ze hebben een ‘perfect’ beeld in hun hoofd en als het niet lukt deze na te tekenen kan dit erg frustrerend zijn.
Productie
/Uitvoering
Observeren
Beeldend Vermogen
 
Begeleiden
Werkprocessen
 
Afronden
Tijdsmanagement
Reflectie
/Nabeschouwing *
Nabespreken
Reflecteren
Aan het eind van de les bekijken we het eindresultaat. De kinderen mogen dan langs elkaars tafeltje lopen en elkaar complimenten geven. De bloemen worden in de klas opgehangen zodat de kinderen kunnen zien dat hun werk gewaardeerd wordt. Ouders kunnen de klas ook inlopen om even te kijken.
We vatten het verloop van de les samen en vragen dingen als: hoe vonden jullie het, was ging er goed, wat was er moeilijk?
We geven de leerlingen een compliment voor het harde werken en ze mogen de spullen opruimen.
 
 
 
 
 
*
Beoordelen
Beoordelingscriteria (matrix)
Het moet duidelijk zijn welke tekening welke bloem is. Ook moet duidelijk naar voren komen welke materialen er zijn gebruikt.
 
We kijken naar het eigen kunnen van het kind. Niet iedereen presteert gelijk en het is daarom belangrijk de persoonlijke ontwikkeling en groei van het kind in het oog te houden.
De opdracht wordt dus beoordeeld aan de hand van de randvoorwaarden en hun eigen inzet.
 
 
 
 
 
 
Presenteren
Presentatievorm
Evaluatie
Evalueren
Opdracht en randvoorwaarden

 

 



Beeldbeschouwing modernistisch schilderij door Danique


Modern


Titel: Big fish
Maker: Peko
Datum: 2012

 
 
 
 
 
 








Wat zie je?
Je ziet in felle kleuren een grote vis  geschilderd. In die vis zie je weer allemaal kleinere vissen en gekke gezichten verwerkt. Ook zijn sommige stukjes versierd met stippen of andere figuren.  

Betekenis van het beeld:
Door de titel zie je duidelijk dat het om 1 grote vis gaat. Als je beter en preciezer kijkt, zie je er meerde vissen en andere figuren erin. Je moet dus verder kijken dan je neus lang is.

Hoe is het gemaakt?
Dit schilderij is gemaakt met acrylverf. Het is zeer dik op het doek gesmeerd. Ook is het opgespannen op een houten spieraam.

Tijdskenmerken (stijl): 
Je zou de stijl van Peko kunnen plaatsen in de cobra-stijl: De schilderijen bestaan altijd uit vrolijke en felle kleuren. Meestal zijn de kleuren onvermengd. Hierdoor vallen de schilderijen erg op. Het doel van de kunstenaars is een humoristisch en vrolijk geheel te krijgen. Peko maakt hier ook gebruik van.

Mening:
Ik vind het een erg leuk schilderij. Je wordt er erg vrolijk van, door alle felle kleuren. Ook vind ik het grappig gemaakt, op het eerste gezicht lijkt het 1 grote vis maar hoe langer je ernaar kijkt, hoe meer figuren je ziet. Dat vind ik erg leuk aan dit schilderij!

Beeldbeschouwing klassiek schilderij door Danique


Klassiek


Titel: Diner op het bal
Maker: Edgar Degas
Datum: 1879
 
 
 
 
 
 

 
 
 
 
 
 
 
 
 


Wat zie je?
Mensen die aan het eten zijn aan tafels, mensen die aan het dansen zijn. Er zijn veel obers aanwezig. Alle vrouwen lopen in baljurken rond en de mannen zijn net in pak. Aan het plafond hangen mooie, grote kroonluchters.

Betekenis van het beeld:
Dit geeft ‘het goede leven’ van de rijkere bevolking weer. Dit schilderij geeft niet echt een boodschap weer. Wel lijkt er iets fout te gaan, het lijkt wel of er iemand valt.

Hoe is het gemaakt?
Het schilderij is gemaakt van olieverf op doek. Het schilderij is opgebouwd uit kleine vlekjes. Die later bijgewerkt zijn met een dun kwastje, zodat je meer zag wat het moest voorstellen.

Tijdskenmerken (stijl):
- Veel impressionisme er in te herkennen.
- Geeft een momentopname weer.
- Het werk lijkt snel gemaakt. 
- Het schilderij is half abstract

Mening:
Ik vind het een mooi schilderij. Doordat het wat ‘vaag’ is geschilderd, kan je er veel bij fantaseren. Je kan er zelf een interpretatie aan geven. Verder vind ik persoonlijk schilderijen van een bal of feest in die tijd erg mooi, het geeft je een beetje een sprookjes gevoel (Assepoester). 

 

Procesfasenmodel van omgebouwde methode-les + feedback


Voor deze opdracht hebben we les 6: herfst omgebouwd naar een les over de zomer.

 

Voorbereiding *
Context
Belevingswereld:
We doen deze opdracht in de zomer, over de zomer dus is het concreet. Het is aanspreekbaar voor kinderen.
Als inleiding laten we een filmpje zien over het strand in de zomer. Hierdoor krijgen de kinderen een beeld van het zomerdecor. Ook laten we verschillende materialen voor op het strand zien (zie foto hieronder). Deze materialen zijn herkenbaar en het ligt dus in de belevingswereld van de leerlingen. Wanneer we het onderwerp geïntroduceerd hebben kunnen we de opdracht uitleggen.  
Basisplan
Opdracht en randvoorwaarden:
De kinderen moeten een kijkdoos maken over de zomer. Om inspiratie op te doen kijken we klassikaal een filmpje en liggen er materialen in de klas (zie inleiding). We vertellen dat als je door het kijkgat kijkt, je hun ideale strand moet kunnen zien. Ze mogen zelf weten hoe het eruit ziet maar het moet redelijk realistisch zijn: buitenstaanders moeten een strand herkennen. In de uitleg wordt verteld hoe je plaatjes in de kijkdoos moet bevestigen (stukje omvouwen en met de plakrand vastplakken). Op deze manier moeten de kinderen de opdracht dan ook uitvoeren. Het is belangrijk dat niet alles op dezelfde hoogte wordt geplaatst maar dat de kinderen leren werken met diepte. Ze kunnen dingen in ‘de verte’ plaatsen door iets verder weg te plakken. Zo wordt het 3d.
 
Doelen
Beeldend doel:
Aan het eind van de les kunnen de kinderen door middel van kleurgebruik de zomerse sfeer verbeelden. Met coulissewerking ontdekken ze de ruimtelijkheid in een kijkdoos.
 
Technisch doel:
Aan het eind van de les kunnen de kinderen plaatjes in de kijkdoos bevestigen door middel van een plakrand maken, omvouwen en plakken. Ze hebben de plaatjes netjes uitgeknipt en de wanden gekleurd.
 
Receptie
/Oriëntatie *
Introduceren
Beeldcultuur:
Het is zomer en dat is aan alles in de omgeving van de kinderen te zien. Deze impulsen kunnen zij omzetten in creativiteit, in dit geval een kijkdoos.
We introduceren het onderwerp, zoals eerder gezegd, aan de hand van een fimpje over de zomer.
Eventueel zou er nog een wandeling door de natuur gemaakt kunnen worden om bewust te worden van de uiterlijke kenmerken in de zomer van de natuur. Dit is niet noodzakelijk omdat de inleiding, zoals beschreven, waarschijnlijk voldoende is.
 
Informeren
Beeldbeschouwen
 
*
Instrueren
Beeldend Probleem:
Het kan lastig voor de kinderen zijn om figuurtjes op de juiste manier uit te knippen en op te plakken. Bovendien moeten zij diepte creëren door de figuurtjes niet allemaal op dezelfde lijn te zetten.  
 
Productie
/Uitvoering
Observeren
Beeldend Vermogen
 
Begeleiden
Werkprocessen
 
Afronden
Tijdsmanagement
Reflectie
/Nabeschouwing *
Nabespreken
Reflecteren:
Aan het eind van de les bekijken we elkaar kijkdozen. De kinderen mogen dan langs elkaars tafeltje lopen en elkaar complimenten geven. Daarna worden ze allemaal achterin de klas gezet zodat er op een ander moment ook naar gekeken wordt. Ouders kunnen de klas ook inlopen om even te kijken.
We vatten het verloop van de les samen en vragen dingen als: hoe vonden jullie het, was ging er goed, wat was er moeilijk?
We geven de leerlingen een compliment voor het harde werken en ze mogen de spullen opruimen.
 
*
Beoordelen
Beoordelingscriteria (matrix):
De kinderen moeten een strand hebben afgebeeld in hun kijkdoos, deze moet te herkennen zijn. Dit moeten zij doen door middel van bijvoorbeeld kleurgebruik. De figuurtjes moeten op de juiste manier bevestigd zijn en er moet diepte in de kijkdoos zijn.
We kijken naar het eigen kunnen van het kind. Niet iedereen presteert gelijk en het is daarom belangrijk de persoonlijke ontwikkeling en groei van het kind in het oog te houden.
De opdracht wordt dus beoordeeld aan de hand van de randvoorwaarden en hun eigen inzet.
 
 
Presenteren
Presentatievorm
Evaluatie
Evalueren
Opdracht en randvoorwaarden

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 



Feedback door Tanja Janssen en Ellie Branton:

Wordt er rekening gehouden met de belevingswereld van het kind?
Ja, het gaat over de zomer en het is een les die je in de zomer geeft. Voor kinderen dus erg aanspreekbaar.

Is de inleiding motiverend voor de leerlingen?
Ja, ze mogen een filmpje zien om een goede indruk te krijgen van de sfeer. Ook laten ze verschillende materialen zien om het nog duidelijker voor kinderen te maken. Ze krijgen zo een goed beeld van de opdracht en daardoor ontstaat eerder motivatie.

Is er sprake van een duidelijk beeldend probleem?
Ja, in een kijkdoos staan altijd figuurtjes en dat is hier de uitdaging. Ze moeten het op de goede manier uitknippen en opplakken. Ook moet er diepte zijn dus dat kan lastig zijn voor de kinderen.

Worden de leerlingen door de lesopzet gestimuleerd tot eigen vormgeving?
Ja, aan de hand van het filmpje en de spullen krijgen zij een goed idee van de opdracht. Ze laten echter geen voorbeeld van een kijkdoos zien en dat is goed want dan gaan de kinderen het niet namaken. Ze kunnen enthousiast worden van alle zomerse spullen en je kunt er ook een leuk gesprek over voeren met de klas.

Is het beeldmateriaal adequaat gekozen?
Ja, heel passend.

Straalt het beeldmateriaal de huidige tijd uit?
De zomer is tijdloos maar de spullen die ze laten zien zijn wel uit deze tijd: emmertje, schepje etc.

Geef een aantal verbeterpunten/aanvullende suggesties:
Ik zou van te voren wel een voorbeeld maken om uit te vinden waar de moeilijkheden in de opdracht zitten. Deze moet je dan niet laten zien.

Wat is het sterkste onderdeel van de les, waarom?
Het ligt helemaal in de belevingswereld van het kind. De meeste kinderen vinden de zomer heel leuk dus worden waarschijnlijk vanzelf enthousiast als je deze opdracht introduceert. Bij de opening geef je ze heel concreet de opdracht mee en laat je ze in de sfeer komen. Dat is heel leuk.